De interpellatie van burgemeester Schepmans: orgelpunt van een burgercampagne

gemeenteraad

Eind september 2016 schreef ik op mijn blog een open brief gericht aan de burgemeester van Sint Jans Molenbeek.  In die brief probeerde ik een lans te breken voor de zwakke weggebruiker in Molenbeek, die al te vaak halsbrekende toeren moet uithalen om zich van A naar B te begeven binnen de grenzen van de gemeente.  Het onveiligheidsgevoel wordt vaak rechtstreeks veroorzaakt door automobilisten die de verkeersregels niet volgen – iets waar de gemeente vaak niet tegen optreedt.

Mijn open brief bracht heel wat teweeg. Er werd een stuk aan gewijd op de website van Bruzz, ik mocht duiding geven aan mijn oproep in het ochtendslot van Bruzz stadsradio en Bruzz TV draaide een reportage over de veiligheid van fietsen in Brussel. Het gevolg van al deze aandacht was dat ik meer dan genoeg handtekeningen verzamelde om mevrouw Schepmans te interpelleren in de gemeenteraad om het probleem aan te kaarten. Sterker nog, als je even een hot topic bent, word je zelfs door de minister – of zijn kabinet – uitgenodigd om de zaak te bespreken.

Als het aan de minister zelf lag, zou de Gentsesteenweg al lang heraangelegd worden, maar de man was met handen en voeten gebonden aan zijn regenboogparaplu.

Zo gebeurde het dat ik tijdens het wachten op antwoord op mijn schrijven ter interpellatie werd uitgenodigd op het kabinet van minister Pascal Smet. Ik liet me vergezellen door de Brusselse fietsersbond en de Molenbeekse afdeling van het Gracq. Er ontspon zich een open gesprek met veel enthousiasme, er werden oplossingen aangereikt en concrete actie zou binnen de twee maand ondernomen worden gezien het hier over een gewestweg ging en de minister hier autoritair over kon beslissen. In al mijn enthousiasme maakte ik me vrolijk op twitter dat er eindelijk geluisterd werd en iets zou gaan veranderen. Daags nadien werd ik door datzelfde kabinet gebeld met de mededeling dat zulke tweets niet geapprecieerd worden, dat de beloftes misschien toch wat voorbarig waren en dat er liever over succesverhalen gecommuniceerd wordt.

In een recenter verleden werd ik door de minister zelf ontvangen. Hier was de boodschap dat er zeer hard gewerkt wordt, op verschillende domeinen, maar dat het niet altijd zo evident is omdat er meer (lees: politieke) belangen spelen. Als het aan de minister zelf lag, zou de Gentsesteenweg al lang heraangelegd worden, maar de man was met handen en voeten gebonden aan zijn regenboogparaplu. Het trieste is dat hij waarschijnlijk gelijk heeft en dat het politieke klimaat in Brussel niet voorziet in samen – over partijen / belangen heen – naar de beste oplossing te werken.

Gisteren stond dan eindelijk de langverwachte interpellatie op de planning. Ik had de moed al een beetje opgegeven want twee maanden na mijn verzoek had ik nog steeds geen antwoord ontvangen. Nadat ik zelf contact had opgenomen en nadat ik kon bewijzen dat ik mijn brief aangetekend had verstuurd, werd hij plots toch ergens uit een stoffige doos opgediept en werd een datum geprikt.

Terwijl de gemeenteraadslieden in hun bolides kwamen aangereden, gemeenteraaddaagden er een 6-tal van mijn sympathisanten op met de fiets. De stipt-om-zeven-uur geplande gemeenteraad begon uiteindelijk om half acht en nadat er kort (20 min) nog drie puntjes gestemd werden, mocht ik aan de buurt. Ik had 5 minuten om mijn punt te maken, dan mochten de gemeenteraadslieden wat zeggen gevolgd door het antwoord van de bevoegde schepen. Tot slot kreeg ik 3 minuten om te reageren op de antwoorden die me werden voorgeschoteld.

Ik was toch wel verbaasd dat er zoveel gemeenteraadslieden (Jef Van Damme, Dirk Berckmans, Dirk De Block, Khadija Tamditi…) inpikten op mijn punt. Sommigen waren alleen al blij dat er eens een interpellatie in het Nederlands gebeurde, maar de algemene tendens was toch dat men erkende dat er een probleem is in Molenbeek, dat er meer gedaan moet worden rond sensibilisering, dat er strenger opgetreden dient te worden en dat we de zwakke weggebruiker dienen te beschermen. Uiteraard werd ook gewezen op het feit dat de Gentsesteenweg een verkeersader is naar de stad en de commerciële rol die ze speelt voor Molenbeek. Mijn interpellatie ging over verkeersveiligheid en niet over economie. De Nieuwstraat in Brussel is veruit de duurste op mijn monopoly spelbord en daar rijdt tijdens de dag geen enkele auto…

Afsluiten deed Olivier Mahy, schepen van mobiliteit en fietsend protagonist in eerder besproken filmpje van Bruzz TV in bijna vlekkeloos Nederlands. Meneer Mahy bevestigde de gesprekken met het kabinet van minister Smet maar vond de voorstellen van de minister – plaatsen van halve manen op de grond – te gevaarlijk voor de fietser. Hij hoopte snel in volgende gesprekken tot een betere oplossing te kunnen komen. Langs de andere kant werden er eind 2016 doorheen Molenbeek 120 camera’s opgehangen, waaronder enkele op de Gentsesteenweg, die allemaal door een (1!) persoon gemonitord worden. Blijkbaar is het verhaal van de camera’s eentje waar al lang op geteerd wordt.  Op basis van die beelden werden op de Gentsesteenweg tussen januari en nu al 337 boetes uitgeschreven voor gevaarlijk rijgedrag en foutparkeren. Daarnaast worden er 8 fietsagenten ingezet die met de nodige autoriteit zullen optreden.

Het laatste woord was voor mij weggelegd en ik zat eerlijk gezegd met een dubbel gevoel. Langs de ene kant voelde ik dat er een positieve aandacht was. Ik ben ook zeer tevreden met het overleg tussen meneer Mahy en het kabinet van Pascal Smet en de maatregelen (camera’s) die werden genomen. Langs de andere kant vrees ik dat enkel boetes uitschrijven het probleem niet zal oplossen. Het innen van de boetes speelt een belangrijkere rol en daar is het in het verleden al op foutgelopen. Slechts de helft van de boetes wordt geïnd door het huidige bestuur en aanmaningen worden niet verzonden. Ik ben ook zeer benieuwd naar die fietsagenten. Ik had eerder begrepen dat Molenbeek niet op het voorstel in was gegaan om deze in te zetten maar des te beter als het wel zo is. Zij kunnen volgens mij een belangrijke rol spelen in het sensibiliseren van overtreders. Ik heb er helaas nog geen enkele gezien, maar dat is misschien omdat ze eerst nog de cursus “Hoe veilig fietsen in Molenbeek?” moeten voltooien.

 

Kerstshoppen: een Brusselse parabel.

poort-kanaal

Meestal rijd ik met de fiets vanuit mijn bescheiden woning gelegen te Molenbeek naar het groteske stadscentrum, maar omdat Kerstmis nadert en cadeaus niet vanzelf onder je kerstboom ontspruiten besloot ik me deze keer maar eens door mijn automobielwagen naar de stad te laten voeren.

Ik scheurde vlotjes over de Gentsesteenweg, die bij Zwarte Vijvers verandert in een éénrichtingsstraat – maar rijdt als een volwaardige Duitse 3-vaks autobahn – en vrolijk meandert tot waar het kanaal, bijgestaan door een sympathieke lichtbrug, zich opwerpt als het kleine broertje van de middellandse zee door stad en gemeente van elkaar te scheiden.

screen-shot-2016-12-19-at-14-05-25Nu de crisis ook de middenklasse begint te raken – en omdat mijn automobielwagen steeds meer last krijgt van claustrofobie in het Belgische verkeerslandschap – besloot ik me niet in een dure parkeergarage te stallen maar verkoos ik een kosteloos plaatsje op de centrale lanen. Eens uitgestapt struikelde ik over een verdwaalde microgolfoven recht de voetgangerszone binnen.

Ontgoocheld omdat ik niet tot in de Nieuwstraat kon rijden en de volgende premetro van de beurs tot de Brouckere nog 6 minuten op zich liet wachten, besloot ik voor de ganse familie bloempanch te kopen en ging ik op ’t gemak een lekkere Geuze van Hanssens drinken in Les Brasseurs.

Wat kan het leven toch makkelijk en complexloos zijn, bedacht ik me, als alles netjes geregeld is.

 

ViaVia komt men altijd op de leukste plekjes

screen-shot-2016-10-05-at-10-55-34

Het durft al eens te gebeuren dat ik een tekst begin te schrijven zonder te weten waar ik zal uitkomen. Op gelijkaardige wijze wil ik al eens door te stad beginnen te wandelen, evenzeer zonder te weten waar ik zal uitkomen.

Al te vaak sterft mijn poging tot wanderlust een veel te vroege dood in een van de gezellige cafés binnen de vijfhoek die ik bovengemiddeld regelmatig frequenteer, al hangt dat natuurlijk ook af van wie je de vraag stelt.

Tegenstrijdig als het leven is herinner ik me van de meest memorabele nachten vaak het minst.

Zo durf ik mijn dag wel al eens te beginnen met een lait russe – met soja melk – of mijn werkweek te beëindigen met kabouterbier in de Barbeton. Het was ook één van de weinige cafés dat open was toen Jantje na de aanslagen in Parijs Brussel een koord  rond de nek hing en er abrupt een snok aan gaf. Het was ook daar dat we schuchter samenkwamen met enkele vrienden om onze gevoelens te delen over wat gebeurd was, twijfelend of die grote ramen nu een voordeel dan wel een nadeel waren bij een eventuele terroristische aanslag. Nuja, er was altijd nog een bar-in-beton waar we achter zouden kunnen schuilen, als mijn kabouter dat toeliet.

Via de Dansaertstraat over de Oude Graanmarkt brengt mijn tocht me naar café ‘de Roskam’ wat zijn naam ontleende aan het gebruiksvoorwerp waar ik mijn zweterige, regressieve haardos opnieuw sluik mee trek na een avondje dansen – en dus niet aan de filmregisseur die je er ook al eens drinkend aantreft. Licht aangeschoten zet ik als een boer die een hoefijzer vindt mijn weg verder.

Via de Vlaamsesteenweg en het pittoreske Land van Luikstraatje arriveer ik aan café Merlo, dat me zeer genegen is. Niet enkel omdat ik er voorzitter ben van hun zaalvoetbalploeg die na vijf jaar eindelijk genoeg moed had ingedronken om eens een reeks hoger te gaan spelen, maar vooral omdat ik er geweldig memorabele nachten heb mogen meemaken en zeer fijne mensen heb leren kennen. Tegenstrijdig als het leven is herinner ik me van de meest memorabele nachten vaak het minst. Eén van die fijne mensen die ik er leerde kennen, eerst in een betaal – ontvang relatie en al vrij snel ik een meer vriendschapsrelatie was de boomlange barman/mede-eigenaar Simon Duhamel wiens cynisme en sarcasme steeds gepaard gaat met een stralende glimlach die van oor tot oor reikt.

Het is diezelfde Simon die niet zo lang geleden zijn vertrek in de Merlo aankondigde en me meetroonde naar een veel te grote bouwwerf 50 meter verder. Achter een imposante gevel werd me een soort van binnen-buiten terras getoond, een ruime eventzaal op de eerste verdieping en de eerste pallet stenen waaruit de nieuwe toog zou opgetrokken worden waaraan ik menig avond zal slijten. “Hier opent op 7 oktober mijn nieuw café, de verderzetting van het ViaVia reiscafé.”

Ik kon me eigenlijk geen betere plaats bedenken om mijn wanderlust te beëindigen dan in een reiscafé, tegenstrijdig als het leven vaak is…

 

Open brief ter interpellatie van mevrouw Schepmans, burgemeester van Sint-Jans-Molenbeek

2016-07-11_18.15.20

Geachte burgemeester,
Beste mevrouw Schepmans,

Ik zal maar onmiddellijk met de deur in huis vallen: Wij zijn ontgoocheld en boos.

‘Wij’ zijn de mensen die elke dag het risico nemen om met de fiets door de straten te rijden van het grondgebied dat u, althans voor een periode van 6 jaar, onder uw vleugels heeft gekregen. Misschien heeft niet ieder van ons ervoor gekozen om u als burgemeester te hebben, u daarentegen bent wel de burgemeester van alle inwoners van Sint Jans Molenbeek en u staat in voor de de veiligheid van alle inwoners op dat grondgebied.

Het spijt ons ook dat het zover is moeten komen dat we via deze officiële weg onze ongerustheid moeten uiten. Menig van ons heeft u proberen te bereiken via de sociale kanalen die u – of uw team – beheert, maar behalve de goednieuwsshow die daarop verschijnt, bleef het bitter stil langs uw kant. Goed nieuws moet er zijn, maar wat fout loopt moet u ook durven erkennen en het zou u sieren mocht u hierover in dialoog treden met de mensen die u de hand reiken.

Concreet zouden we hetvolgende willen aanklagen:

‘Wij, de fietsende, zwakke weggebruikers,

  • vinden dat er onvoldoende – doeltreffende – faciliteiten zijn om veilig ons van A naar B te verplaatsen.
  • vinden dat, ondanks die faciliteiten onze positie in het verkeer nog steeds in gevaar is omdat automobilisten de verkeersregels aan hun laars lijken te lappen.
  • vinden dat u te weinig optreedt tegen overtreders waardoor een gevoel van gedoogbeleid zou bestaan ten voordele van de automobilist.’

Het stuk van Zwarte Vijvers – of Etangs Noirs zoals u het ongetwijfeld kent – tot aan het kanaal herleidt de kasseistroken tijdens Parijs-Roubaix tot een rustige strandwandeling.

Omdat ik wil dat u zeer goed de penibele situatie begrijpt waar wij in verkeren, zal ik kort een voorbeeld schetsen dat ik in bijlage van deze brief zal stofferen met enkele foto’s ter verduidelijking:  Ik rijd quasi dagelijks met de fiets via de Gentsesteenweg van ongeveer aan de Mettewielaan tot in het centrum. Het stuk van Zwarte Vijvers – of Etangs Noirs zoals u het ongetwijfeld kent – tot aan het kanaal herleidt de kasseistroken tijdens Parijs-Roubaix tot een rustige strandwandeling. Ondanks er langs weerszijden van de rijbaan een ‘aanliggend fietspad’ geschilderd is en ondanks een – logisch – parkeerverbod op deze fietspaden, moeten we vaststellen dat de autobestuurders deze paden toch gebruiken als extra parkeerstrook, bvb om gauw even naar de bakker te gaan. Niet alleen fietsers, maar ook auto’s moeten uitwijken waardoor ze de fietsers die in tegenovergestelde richting aanrijden hinderen. U begrijpt dat deze chaos geen voedingsbodem is om beginnende fietsers aan te moedigen dagelijks hun stalen ros buiten te halen, integendeel.

Aangezien we ons in de Nieuwstraat van Molenbeek bevinden, met vele winkelende mensen die al shoppend onoplettend de weg oversteken, moeten we ons de vraag stellen of de wagen hier überhaupt nog een plaats in heeft. Zouden we niet een heel pak stress wegnemen van zowel voetgangers, winkeliers, fietsers en automobilisten als we dit stuk steenweg helemaal afsluiten voor king car?

Uit de cijfers die we hebben opgevraagd leiden we af dat er wel boetes opgemaakt worden, maar dat deze veeleer een schijnvertoning zijn, een doekje voor het bloeden. Van alle boetes die uitgeschreven worden, wordt slechts de helft bij de eerste zending betaald. De andere helft krijgt van uw gemeentebestuur – want u int deze boetes die door de politie uitgeschreven worden – geen enkele aanmaning of herinnering toegestuurd, waardoor in se enkel de mensen met enige burgerzin gestraft worden en zij die alle regels aan hun laars lappen een nog grotere dosis je m’en foutisme krijgen door de straffeloosheid van hun daden.

Daarom zou ik, en alle mensen die deze brief samen met mij ondertekenden, van u graag willen horen:

  • Of u dit probleem erkent?
  • Of u vindt dat u genoeg doet om de zwakke weggebruiker te beschermen?
  • Welke maatregelen u zal treffen om de zwakke weggebruiker nog beter te beschermen?
  • Hoe u de onhoudbare situatie in het stuk tussen Zwarte Vijvers en het kanaal zal oplossen?

Ik begrijp goed dat u door de drukke agenda die uw ambt ongetwijfeld met zich meebrengt nog weinig tijd vindt om een fietstochtje door uw mooie gemeente te maken. Daarom willen wij al onze gedeelde ervaring met u delen, als u deze zou appreciëren, om samen tot een oplossing te komen die voor iedereen werkbaar is.

Ik dank u en kijk uit naar uw antwoorden tijdens een van de volgende gemeenteraden.

Zeer beleefde groet,

Simon Steverlinck

Beste inwoner van Molenbeek. Ik heb volgens het gemeentereglement minstens 20 handtekeningen nodig van inwoners van Molenbeek.  Indien u dit probleem erkent en er ook iets aan wil doen, zou ik het fijn vinden als u deze brief samen met mij ondertekent. Ik zal op maandag 3 oktober tussen 20.00 en 22.00 te vinden zijn in het gezelligste café van Molenbeek – Le Saint Charles, Ch. de Gand 394 – om samen met u een pint te drinken en hopelijk uw handtekening te mogen ontvangen.
Niet-Molenbekenaars die willen tekenen – gewoon om een signaal te sturen – zijn ook welkom. Zolang we er maar 20 hebben die in Molenbeek wonen.

Fietsen met de rem op: de onwil om te regeren.

Ik heb ondertussen de leeftijd bereikt waarop vele van mijn vrienden hun social media posts enkel doch afwisselend (een van) hun kind(eren) lachend hetzij schattig slapend afbeelden. Hoewel ik niet pretendeer een autoriteit op het vlak te zijn, vermoed ik dat de meesten het qua opvoeding en de juiste bagage meegeven goed doen. Hier en daar zie je er echter wel eens een koppel tussen waarbij de wil om hun koter een nanoseconde na het uiten van hun willetje te plezieren zo de bovenhand op hun leven heeft genomen dat ze willens nillens de slaaf van hun eigen creatie zijn geworden. Zulke kinderen durven vaak wel eens uit te groeien tot arrogante etters die denken dat de nulmeridiaan door hun gat loopt en zijn weinig verdraagzaam ten opzichte van enig commentaar op hun acties, daden of persoon. Hoewel goedbedoeld initieel, moeten we de verklaring zoeken voor dit gedrag bij de laksheid van de ouders om berispend tussen te komen.

Zo’n ouder is ook Françoise Schepmans, burgermoeder van de Brusselse gemeente Sint Jans Molenbeek. Mevrouw Schepmans weet wel dat er bepaalde wetten en regels gelden in dit land, maar weigert deze toe te passen op haar electoraal uit angst om de rug toegekeerd te worden of als ‘bad cop’ aanzien te wordenSchermafbeelding 2016-08-04 om 13.31.06.

Een eerste duidelijk voorbeeld van dit beleid is het Gemeenteplein van Sint Jans Molenbeek.  Een plein dat op papier autovrij is, blijkt in werkelijkheid een gratis openbare parking in het centrum van de gemeente te zijn.  Je oudste kind stel je voorop als het op pamperen aankomt en in het geval van een MR politica zijn dat dus de handelaars. Het neemt zelfs zulke proporties aan dat oppositieraadslid Jef Van Damme (sp.a) volgende uitspraak doet: “Dit is geen toeval. Het gemeentebestuur kiest er duidelijk voor om nauwelijks in te grijpen…”

Nog schrijnender is vaak de Gentsesteenweg, meerbepaald het stuk van Zwarte Vijvers tot aan het kanaal. Voor wie niet bekend is met Brussel, deze steenweg is juridisch tussen voorgenoemde punten een eenrichtingsstraat waarbij op de rijbaan parkeren verboden is en functioneel is het een levendige straat die bruist van de commerciële activiteit.  Het is vaak geen sinecure om hier als fietser tussen te laveren. Als het kan, rijden auto’s te snel, mensen steken de straat over zonder kijken en het vervelendst van al: velen denken het recht te hebben om voor de deur van de winkel waar ze moeten zijn hun auto achter te mogen laten. Aangezien er op de meeste stukken geen parkeerplaatsen zijn, houdt dat in dat ze zich uiterst rechts op de rijbaan parkeren op het geschilderde fietspad. Bijgevolg moeten aankomende auto’s uitwijken over het fietspad van de fietsers die uit de tegenovergestelde richting komen waardoor deze te weinig plaats op de rijbaan hebben om veilig langs de auto’s te passeren. Zo ben ik eens door een politiewagen als aankomende fietser van het fietspad gereden en kreeg IK van hen allerhande verwijten naar mijn hoofd geslingerd. Dit bewijst m.i. dat er een bewust beleid van bovenaf is om op te treden tegen overtreders. Molenbeek klaagt bij de armste gemeente van het land te zijn, terwijl 1 agent voor duizenden euro’s per dag boetes kan uitschrijven over een lengte van 500 meter.2016-07-11_18.15.20

Je kan er je energie insteken om elke foutgeparkeerde automobilist hierop aan te spreken, maar vaak zijn dan bitsige verwijten en agressieve reacties van deze nulmeridiaanders je deel. Een andere, vaakgebruikte strategie is de hand verontschuldigend opsteken, alsof deze actie elke voordien gemaakte overtreding automatisch ongedaan maakt.  Totnogtoe blijft mevrouw Schepmans doof voor mijn hulpkreten. Als de taal een probleem is, wil ik dit artikel gerust naar het Frans vertalen voor haar, of beter nog, ik zal mijn best doen om tijdens een persoonlijk gesprek in haar moedertaal mijn mening toe te lichten en haar vriendelijk vragen om voor eventjes terug de rol van boze moeder op te nemen die effectief ingrijpt wanneer mijn kind schoon kind zich niet aan de regels houdt die gangbaar zijn een maatschappij waarin iedereen zowel letterlijk als figuurlijk zijn plaats wil hebben.

 

The great nations of Europe

Toen mijn vader 10 jaar geleden stierf werd me tijdens de begrafenis verteld dat hij nu in de ‘genade van de Heer’ was. Daar was ik vet mee. Als de heer een beetje barmhartig was geweest had ie em beter gewoon thuisgelaten!
Al sinds mijn eerste geschiedenislessen sta ik wat kritisch tegenover godsdienst maar dat moment is er bij mij wat geknakt. Als je terugleest in de geschiedenis en ziet dat godsdienst vaak een excuus was om de armen onder de knoet te houden of een manier van de rijken was om zich nog meer weelde toe te kennen, zegt dat eigenlijk al genoeg.

Vandaag waren we in het museo de la inquisition in Cartagena waarin uitgelegd werd hoe de katholieke Spanjaarden hier voet aan wal zetten en binnen de kortste tijd de helft van de bevolking had onderworpen en de andere helft had uitgemoord zich verschuilend achter hun enige echte waarheid. De meest inventieve foltertuigen werden tentoongesteld als rechtvaardige wapens tegen ongelovigheid.

We zijn verbouwereerd als we in de krant wat lezen over de methodes en indoctrinaties van IS. Volgens wikipedia zitten ze dit jaar aan 1437  (AH) wat wil zeggen dat ze niet zo veel verschillen van onze middeleeuwen.

Kunnen we gewoon godsdiensten niet afschaffen zodat we geen irrationele zaken meer kunnen inroepen om rationele tendenzen te verklaren/goed te praten?

Title: great nations of Europe – Randy Newman legt perfect uit wat ik bedoel.

https://youtu.be/ua0pR06pevU

The Great Nations of Europe
Had gathered on the shore
They’d conquered what was behind them
And now they wanted more
So they looked to the mighty ocean
And took to the western sea
The great nations of Europe in the sixteenth century

Hide your wives and daughters
Hide the groceries too
Great nations of Europe coming through

The Grand Canary Islands
First land to which they came
They slaughtered all the canaries
Which gave the land its name
There were natives there called Guanches
Guanches by the score
Bullets, disease, the Portugese, and they weren’t there anymore
Now they’re gone, they’re gone, they’re really gone
You’ve never seen anyone so gone
They’re a picture in a museum
Some lines written in a book
But you won’t find a live one no matter where you look

Hide your wives and daughters
Hide the groceries too
Great nations of Europe coming through

Columbus sailed for India
Found Salvador instead
He shook hands with some Indians and soon they all were dead
They got TB and typhoid and athlete’s foot
Diptheria and the flu
Excuse me – Great nations coming through

Balboa found the pacific
And on the trail one day
He met some friendly Indians
Whom he was told were gay
So he had them torn apart by dogs on religious grounds they say
The great nations of Europe were quite holy in their way

Now they’re gone, they’re gone, they’re really gone
You’ve never seen anyone so gone
Some bones hidden in a canyon
Some paintings in a cave
There’s no use trying to save them
There’s nothing left to save

Hide your wives and daughters
Hide your sons as well
With the great nations of Europe you never can tell

From where you and I are standing
At the end of a century
Europes have sprung up everyone as even I can see
But there on the horizon as a possiblity
Some bug from out of Africa might come for you and me
Destroying everything in its path
From sea to shining sea
Like the great nations of Europe
In the sixteenth century

Dwalen bij een busrit: de romantiek van het reizen

Er zitten precies 18 mensen op de bus. 17 exclusief de chauffeur. De 17 zijn onder te verdelen in 3 Colombianen en 14 toeristen.

We zijn allemaal verenigd in onze bestemming en voor de rest zijn we totaal verschillende personen. Het is voor mij een beetje de romantiek van het reizen besef ik terwijl mijn gsm ‘The pretender’ van Foo Fighters in mijn oren blaast; “What if I say I’m not like the others?”

Zo is het meisje dat vooraan zit na een stukgelopen relatie met haar rugzak de wereld in gelopen om haar geloof in de goedheid van de mens weer terug te vinden.  De twee Israelische meisjes op de bank achter haar voerden tijdens hun 3 jaar durende legerdienst een bataljon patatten aan met een eindeloze stroom aan rekruten en kanaliseren hun PTSS nu in het terroriseren van medereizigers door de met hun veel te luide muziek de bus in een soort Guantanamo om te toveren.

Rechts van me zit een jongen met de armen gekruist, de handen onder de oksels geklemd om beginnende zweetplekken te maskeren, te laat beseffend dat zijn actie de  zweetplekken enkel vergroot waardoor hij nu gevangen lijkt te zitten in een onzichtbare dwangbuis.

Voor me zit een koppel dat, indien ze de enige twee mensen ter wereld waren, niet zou reproduceren omdat de angst voor claustrofobia het altijd weer zou winnen over hun kinderwens. Mijn warme adem in hun nek – voor velen een aangename afwisseling met de Antarctische airco – voelt voor hen als het verjaardagsfeest voor een progeriapatiënt.

Achter me zitten drie Hollanders die, gevlucht voor de schande van hun eigen nationale team, warmere oorden hebben opgezocht. De oranje truitjes hebben ze net zolang afgebleekt tot ze een gelige schijn kregen en dragen ze nu fier om vanavond hun Colombia aan te voeren.

Ik zou het ze natuurlijk elk individueel kunnen vragen maar ik ben bang dat het verhaal van mijn reisgenoten de verwachtingen van mijn fantasie niet zal kunnen inlossen. Het is dat beetje romantiek dat ik wil koesteren. Les pensées sont libres.

De realiteit is dat er naast me een fantastische vrouw zit waarmee ik straks een hotelkamer met spabad – midden in de kamer – zal betrekken om erna naar de match van Colombia te gaan kijken, verbroederend met de locals in mijn truitje van de Belgisch ploeg, nagelbijtend voor de enige match die er echt toe doet dit weekend.

‘Zou het helpen als ik mijn Hollands-Colombiaans truitje samen met mijn rode kousen was vanavond?’ vraagt de Nederlander achter me terwijl ik wakker schiet.

Hallo Medellin. Dag lieve reizigers, vervolg jullie eigen weg en schrijf je eigen verhaal maar weer verder.